3.1 ONDERWIJSSTICHTING ARCADE


Onze school maakt deel uit van de onderwijsstichting Arcade. Alle openbare scholen uit de gemeenten Coevorden en Hardenberg maken hier deel vanuit.
Het College van Bestuur van Arcade houdt zich bezig met management met betrekking tot het organiseren van middelen en voorwaarden; materieel, financieel en juridisch. Het bovenschools strategisch beleidsplan is hierin leidend.
Het College van Bestuur is belast met de dagelijkse leiding van Arcade. Samen met de directeuren van de openbare basisscholen vormt zij het directieberaad. De Voorzitter geeft vorm en inhoud aan bovenschools onderwijsbeleid en wordt ondersteund door het stafbureau van de stichting.
Voor een intern schoolbeleid zijn de directeuren van de verschillende scholen afzonderlijk verantwoordelijk.

3.2 ORGANISATIE VAN DE SCHOOL


Onze school vormt samen met OBS ’t Kompas, OBS Prinses Margriet, OBS Oud-Avereest en OBS Vinkenbuurt een scholengroep. Deze wordt aangestuurd door twee directeuren en twee locatiecoördinatoren.
Een belangrijk uitgangspunt binnen onze organisatie is dat iedere leerkracht naast lestaken ook meerdere taken/verantwoordelijkheden heeft die te maken heeft met de totale schoolorganisatie. 

3.2.1 FUNCTIES EN TAKEN


Op De Eiber werken in totaal 15 mensen. Hieronder valt ook het onderwijsondersteunend personeel. De groepsleerkrachten nemen vanzelfsprekend een belangrijke plaats in, waarbij een aantal leerkrachten parttime werkt. Dit houdt automatisch in dat een aantal groepen twee leerkrachten heeft. Het spreekt voor zich dat de duo-leerkrachten het werk in de loop van de week overdragen en verder intensief contact hebben.
De groepsleerkrachten verzorgen het onderwijs aan uw kinderen. Zij dragen zorg voor een goede sfeer in de klas, zowel tussen de leerkracht en leerlingen als tussen de leerlingen onder elkaar. Zij hebben zorg voor de kinderen die aan hen zijn toevertrouwd, een zorg die verder gaat dan alleen toetsgegevens.
De Interne Begeleider (IB-er) verzorgt de coaching van de groepsleerkrachten en coördineert de leerlingenzorg.
Eén onderwijsassistent begeleidt een leerling met een leerlinggebonden budget (LGF).
De Dans- en dramalessen worden in alle groepen verzorgd door Ursula Veenstra.
Daarnaast zijn we in de gelukkige omstandigheid dat we ook een beroep op Wil en Ad van Straalen kunnen doen die als oud-leerkrachten, op vrijwillige basis, werken met kleine groepjes leerlingen die extra zorg nodig hebben.
 
Overige taken van de groepsleerkrachten:

 
Deze lijst is natuurlijk niet compleet, maar het voert te ver om alle taken te gaan noemen. Alle taken die de groepsleerkrachten hebben naast hun werkzaamheden in de klas zijn vastgelegd in het zogenaamde taakbeleid. Ieder schoolseizoen worden deze taken geëvalueerd en zo nodig bijgesteld.

3.2.2 DIRECTIE


De directie en de locatiecoördinator van de school houden geen vast spreekuur. Ze zullen frequent op school aanwezig zijn en dit vermelden in de tweewekelijkse nieuwsbrief. Ze zijn daarnaast altijd bereikbaar via directie@obsdeeiber.nl.  Voor een gesprek dat meer tijd vraagt, kunt u het beste een afspraak maken. 

3.3 DIDACTISCHE UITGANGSPUNTEN


In hoofdstuk 2 hebben we in algemene zin onze uitgangspunten beschreven. In dit hoofdstuk gaan we hier per bouw en vakgebied specifieker op in.

3.3.1 BEREDENEERD AANBOD ONDERBOUW


Het Beredeneerd Aanbod bevat o.a.:

 
We werken met de methode ‘Onderbouwd’.
Deze methode heeft centraal staan dat er wordt ingespeeld op specifieke leerbehoeften van kleuters, dat er geleerd wordt in drie stappen en dat de methode opbrengst- en handelingsgericht werkt.
De methode bevat alle onderdelen betreffende het Beredeneerd Aanbod. Daar waar er afgeweken wordt, wordt dit beschreven.

3.3.2 LEZEN


In de kleuterbouw wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling en voorwaarden, die belangrijk zijn voor het leren lezen. In groep 3 wordt officieel gestart met het leren lezen. Er wordt gewerkt met de methode Veilig Leren Lezen waarin ook taal is opgenomen.
Vanaf groep 4 is er gerichte aandacht voor het voortgezet technisch lezen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de methode ‘Estafette’.
Daarnaast worden er ook andere leesvormen ingezet.
Naast technisch lezen wordt aandacht besteed aan het ontwikkelen van leesplezier en begrijpend lezen. Daarvoor gebruiken we, vanaf groep 4, de methode ‘Nieuwsbegrip XL’. Nieuwsbegrip heeft tot doel het leesbegrip van de leerlingen te stimuleren op een leuke, aansprekende manier. De actualiteit wordt daarbij als kapstok gebruikt.
Tevens houden alle kinderen in hun schoolloopbaan regelmatig een boekbespreking.

3.3.3 SCHRIJVEN


In groep 1 en 2 wordt veel aandacht besteed aan de potloodgreep en de motorische vaardigheden die van belang zijn om te leren schrijven.
Vanaf groep 3 wordt het schrijven structureel aangeboden via de methode ‘Schrijven in de basisschool’.

3.3.4 REKENEN


Bij de kleuters vindt de voorwaardenontwikkeling van het rekenonderwijs plaats.
In de groepen 3 t/m 8 werken we met de methode ‘De wereld in getallen’. Deze methode is gericht op het realistisch rekenen. Dit betekent o.a. dat er altijd een context wordt gegeven waarna gerekend gaat worden. De kinderen leren bepaalde rekenstrategieën en worden uitgedaagd om na te denken over andere mogelijkheden. Een vast onderdeel is de projecttaak. Deze taak is gericht op oplossingsgericht denken en het gebruik van verschillende strategieën.

3.3.5 TAAL


Het taalonderwijs is veelomvattend. In groep 1 en 2 gaat het om het stimuleren van de ontwikkeling van vaardigheden:

 
Vanaf groep 3 leren de kinderen:

Voor de groepen 4 t/m 8 wordt hiervoor gebruik gemaakt van de methode ‘Taal op maat en Spelling op maat’.
De verwerking gebeurt (deels) op de tablet via Snappet (zie hoofdstuk 2.7).

3.3.6 ENGELS


In groep 7 en 8 nemen leerlingen eveneens kennis van de Engelse taal. Het onderwijs in de Engelse taal is erop gericht dat de kinderen:

We maken hierbij gebruik van de methode ‘Take it easy'.

3.3.7 BEWEGINGSONDERWIJS


Wij vinden het belangrijk bij leerlingen een goede houding te ontwikkelen ten aanzien van sportiviteit, incasseringsvermogen, winnen/verliezen en agressiviteit zodat ze daar in hun verdere leven profijt van hebben.
De kleuters hebben elke dag bewegingsonderwijs. Afhankelijk van het weer gebeurt dit binnen of buiten. Met slecht weer gymmen de kleuters in ons eigen speellokaal.
De lessen lichamelijke opvoeding voor de groepen 3 t/m 8 vinden plaats in de gymnastiekzaal aan de Buizerdweg op dinsdag en donderdag. De zaal ligt tegenover de school. We maken hierbij gebruik van de methode ‘Planmatig bewegingsonderwijs’.

3.3.8 VERKEERSONDERWIJS


Het verkeersonderwijs wordt gegeven aan de hand van de methode ‘Klaar over’. In groep 8 kunnen de leerlingen hun verkeersdiploma (theorie en praktijk) halen. Met behulp van het Digibord kunnen de leerlingen verkeersregels en –situaties oefenen.

3.3.9 WERELDORIËNTATIE


Voor wereldoriëntatie maken we gebruik van verschillende methoden. Deze methoden bieden feitenkennis aan, maar behandelen ook onderwerpen waarbij van de leerlingen een kritische houding wordt gevraagd. Het gaat dan bijvoorbeeld over de manier waarop we omgaan met de natuur, het leven in een interculturele samenleving en het lering trekken uit gebeurtenissen in de geschiedenis.
Behalve het werken met deze methoden voor natuuronderwijs (methode ‘Leefwereld’), aardrijkskunde (methode ‘Geobas’) en geschiedenis (methode ‘Wijzer door de tijd)’, wordt ook in de groep aandacht besteed aan wereldoriëntatie door middel van gesprekken, spreekbeurten en school-TV.

3.3.10 KUNSTZINNIGE ORIËNTATIE (CULTURELE COMMISSIE)


De culturele commissie van de gemeente Hardenberg stelt ieder schoolseizoen een aantrekkelijk programma samen voor alle kinderen van de basisscholen. Deze activiteiten worden ook ieder jaar geëvalueerd en zo nodig vindt er een verandering of wijziging van het aanbod plaats.  Voorbeelden van activiteiten van deze culturele commissie zijn: theaterbezoek, museumbezoek Kröller-Müller (Hoge Veluwe), ’t Olde Meestershuus, dansdoos, fotografie, bibliotheek, schrijver op bezoek en poëzie.
We vinden het belangrijk dat alle kinderen met deze culturele activiteiten in aanraking komen en we maken dan ook ieder jaar voor iedere groep een ruime keuze uit het aangeboden programma. Incidenteel worden er naast deze activiteiten ook wel eens andere voorstellingen op het gebied van cultuur aangeboden. Ons beleid is erop gericht hier zoveel mogelijk gebruik van te maken om de kinderen kennis te laten maken met een zo breed mogelijk scala aan culturele uitingen.

3.3.11 DANS- EN DRAMA


Alle leerlingen op onze school krijgen wekelijks dans- en dramalessen van onze onderwijsassistent dans & drama. We vinden het als team belangrijk dat de kinderen zich niet alleen cognitief, maar ook creatief ontwikkelen. De Dans- en dramalessen stimuleren de creatieve kant van de leerlingen en vergroten daarnaast hun zelfvertrouwen. Regelmatig worden er voorstellingen gegeven waarbij de ouders/verzorgers aanwezig mogen zijn.

Bekijk hier het beleidsplan >>

3.3.12 MUZIEK


De komende drie jaar zal extra aandacht gegeven worden aan het vak muziek. De school maakt gebruik van de rijkssubsidie Muziekimpuls basisonderwijs en heeft hierdoor de gelegenheid te investeren in deskundigheidsbevordering voor het team, aanschaf van een nieuwe methode en extra workshops voor de kinderen. Vanaf volgend schooljaar krijgen kinderen in groep 5 de mogelijkheid een instrument te leren bespelen.

3.3.13 TEKENEN EN HANDVAARDIGHEID


Wij vinden het belangrijk dat kinderen kennis, inzicht en vaardigheden verwerven waarmee ze hun gedachten, gevoelens, waarnemingen en ervaringen op persoonlijke wijze kunnen vormgeven in beeldende werkstukken. We bieden hier verschillende vormen voor aan.

3.3.14 ICT


Op De Eiber speelt ICT een belangrijke rol. Zoals in hoofdstuk 2.7 beschreven werken alle leerlingen in groep 4 t/m 8 op een tablet middels het concept van Snappet.
Het gebruik van de computer is geen doel op zich, maar een middel om leerlingen op een effectieve manier de stof eigen te maken.
De school beschikt naast de tablets ook over een groot aantal ‘vaste’ computers. Alle computers op school zijn aangesloten op een netwerk. 

3.3.15 GEESTELIJKE STROMINGEN


In het reguliere vakkenpakket wordt in de groepen aandacht geschonken aan de verschillende godsdiensten. U moet hierbij bijvoorbeeld denken aan het Christendom, het Jodendom, de Islam, het Hindoeïsme en het Boeddhisme. Er wordt ingegaan op de overeenkomsten en verschillen. Dit onderdeel van het lessenpakket noemen we geestelijke stromingen.

3.3.16 LEVENSBESCHOUWELIJK ONDERWIJS


Naast het vak geestelijke stromingen bestaat de mogelijkheid om godsdienstonderwijs of humanistisch vormingsonderwijs te volgen. Het kunnen aanbieden van deze lessen is mede afhankelijk van de vraag van de ouders. Indien er te weinig aanmeldingen zijn (minder dan 8) kunnen we de lessen niet aanbieden.
Aan het einde van het schoolseizoen kunnen de ouders van de leerlingen van de groepen 6 en 7 aangeven of hun kind(eren) godsdienstonderwijs wil(len) volgen. Wanneer er voor wordt gekozen geen gebruik te maken van deze optie wordt er door de eigen groepsleerkracht een vervangende les verzorgd. De HVO-lessen worden verzorgd door Gwendy Veldhuis.

3.3.17 SOCIAAL-EMOTIONELE ONTWIKKELING


We hanteren de Kanjermethodiek die in paragraaf 2.8 beschreven staat.

3.3.18 ACTIEF BURGERSCHAP EN SOCIALE INTEGRATIE


Visie op Burgerschap
Leerlingen maken deel uit van en groeien op in een steeds complexere, pluriforme en multiculturele maatschappij. Onze school vindt het belangrijk om leerlingen op een goede manier voor te bereiden op de maatschappij.
Aandacht besteden aan Burgerschap en sociale integratie is een wettelijke opdracht. Bij ons op school is Burgerschapsvorming niet een apart vak. Het is verweven in ons totale onderwijsaanbod.
Onderwijs in Burgerschap krijgt bij ons op school aandacht in de vorm van:
 
1. Kennis en kennisoverdracht
Over bijvoorbeeld: geestelijke stromingen, democratie, discriminatie, rechtspraak, verkiezingen.
 
2. Houding/attitude
Bijvoorbeeld samenwerken, samen spelen, verantwoordelijkheid, zelfstandigheid.
 
3. Reflectie en meningsvorming
Bijvoorbeeld omgaan met levensvragen, waarden en normen.
 
4. Sociale vaardigheden
Hoe ga je om met jezelf, met anderen, met de omgeving.
 
5. School als oefenplaats
Bijvoorbeeld: schoolregels, klassenregels, oefenen in democratie, het inbrengen van ideeën middels de ideeënbus, leren omgaan met conflicten.
 
6. Gerichtheid op de buitenwereld
Bijvoorbeeld de excursies de we maken, voorlichting op school door verschillende instanties.
 
7. Basiswaarden
Op onze school hanteren wij de volgende basiswaarden van de democratische rechtsstaat:
  • Vrijheid van meningsuiting;
  • Gelijkwaardigheid;
  • Begrip voor anderen;
  • Verdraagzaamheid;
  • Autonomie;
  • Afwijzen van onverdraagzaamheid;
  • Afwijzen van discriminatie.
 
Ongewenste opvattingen, houdingen en gedragingen van onze leerlingen corrigeren wij.
De inhoudelijke uitwerking maakt o.a. onderdeel uit van de Kanjertraining die wij als school geven aan de leerlingen (zie ook 2.9).